|
 
Routetechnieken
|
Er zijn heel erg veel verschillende soorten tochten. of een tocht de moeite waard is hangt niet alleen van de tocht zelf af, maar ook van jezelf: gebruik je je ogen en oren, maken jullie het zelf gezellig?
Let altijd op de veiligheid. Denk aan de verkeersregels als je een tocht per fiets maakt, maar ook als je te voet bent. Blijf altijd met je groepje bij elkaar.
BESCHRIJVING
De meest bekende manier om een tocht uit te zetten is door de weg te beschrijven met woorden. Je kan dus gewoon lezen waar je naar toe moet. Let wel op dat je goed en nauwkeurig leest. Deze vorm van routebeschrijven lijkt heel makkelijk, maar gaat vaak mis omdat er niet goed gelezen wordt!
ZOEKEN
De bekendste tochten waarbij je de weg vindt door sporen te zoeken zijn:
* krijtspoor of houtskoolspoor
* woldraadjesspoor of papiersnipperspoor
* reflectortocht
Na afloop van de tocht moet je de sporen wel weer opruimen! (of laat het laatste groepje de sporen meenemen.)
FOTOTOCHT
Dit is een leuke route. Van alle kruispunten is een foto gemaakt waarop je de richting ziet waarin je nu moet gaan. Soms zijn er ook opvallende objecten (huis, straatnaambordje, huisnummer, enz.) gefotografeerd.
SMILEROUTE
Kijk naar de oogjes van het gezichtje. Ga in de richting waar de oogjes naar toe kijken. Bij een huilend gezichtje moet je terug in dezelfde richting als waarvan je kwam.
KNOPENTOCHT
Voor ieder kruispunt dat je tegen komt zit er een knoop in een lang stuk touw. Iedere knoop heeft een eigen betekenis, b.v. halve steek = rechtsaf, dubbelel halve steek = rechtdoor, achtknoop = linksaf.
op dezelfde manier werkt de kralentocht. Dan heeft iedere kleur een eigen betekenis (b.v. rood = links, geel = rechts, groen = rechtdoor).
Op het kaartje zie je de route van A naar B, langs de kruispunten die zijn aangegeven. Bij de volgende technieken zie je steeds hoe deze route er in de betreffende techniek uit zou zien.

STRIPPENKAART
Bij een strippenkaart moet je altijd van onder naar boven lezen. De lange rechte lijn is de weg die je moet lopen. De korte streepjes zijn de wegen die je niet in moet slaan.

KRUISPUNTENROUTE
Ieder kruispunt dat je tegen komt staat getekend. De pijl geeft aan welke weg je in moet. Je komt altijd van onder het getekende kruispunt binnen.

QUIZROUTE
Deze tocht lijkt op de kruispuntenroute. Bij iedere zijweg van het kruispunt staat een letter. Ook staat er een vraag bij met verschillende mogelijke antwoorden. De letter die bij het juiste antwoord staat, is de letter van de weg die je in moet slaan.
BOLLETJE/PIJLTJE ROUTE
Dit is eigenlijk hetzelfde als de kruispuntenroute. Je komt van de richting waar het bolletje staat. Je moet in de richting van het pijltje.

VECTOR-KRUISPUNTENROUTE
Bij ieder kruispunt wordt aangegeven met een dikke pijl waar het noorden is. Met een dunne pijl staat de richting aangegeven waar je naar toe moet. Als je je routebeschrijving op ieder kruispunt "op het noorden legt", dan kan je zo zien welke kant je op moet.

OLEAAT
Het oleaat is een doorzichtig stuk papier of een sheet waarop de route getekend staat. Als je het oleaat op de juiste manier op de kaart legt, dan kan je zo de weg zien die je moet volgen.

ROUTESCHETS
Meestal zie je de routeschets in "tabel-vorm". De route wordt globaal getekend en er is een kolom waar de route met woorden beschreven wordt. Ook is er een kolom voor overige gegevens zoals: afstand, tijdsduur, kompasrichting, enz.
Het is makkelijker als je alle gegevens in één tekening zet. Dan zie je in één oogopslag alle gegevens. De volgende gegevens kan je in de routeschets vermelden:
• markante punten
• kompasrichting
• afstand
• hoogteverschil
• tijdsduur
Een routeschets is dus eigenlijk een zelf gemaakte kaart waar alleen dingen op staan die voor jou van belang zijn.

Dit zijn de meest gebruikte routetechnieken. natuurlijk zijn er nog meer manieren om aan te geven welke weg je moet nemen. Je kan ook zelf varianten bedenken, of combinaties maken met bekende manieren.

|